|


Dirk en Nanda: www.vtv1.nl/adriveforwildlife


Imelda en Tim: www.timelda.tk
 
De Land Rover van Richard en Evina
na het ongeluk: www.maloob.com


Een bizar artsenbezoek
 
André onderzoekt de poes,
het moet niet veel gekker worden


Een Masai vrouw
of een Griekse schone?
 
Schrijdend over het strand
 
André wacht op zijn bruid
 
De Masai vader van André
 
Samen met Pastor Festus bidden
 
De potten en pannen voor Riki
 
Hij kust de python op zijn kop


Kamperen bij de nonnen
 
Gastvrijheid van de nonnen
 
Bananenboom
 
Iz in het tropisch regenwoud
 
Een rondleiding door de
'natuurkerk'van father Barut


Een heerlijke avond
 
Father Baruti in vol ornaat
 
Schoonheid in eenvoud


In afzondering levende
besneden Masai jongens
 
Masai kinderen
 
Masai jongens
op de rand van de krater


De wereldberoemde Kilimanjaro
(daar ergens achter die wolken)


Een baviaan
 
Verjaardagsontbijt


We sluiten aan in de rij 
 



Wendy en Jacky: www.transafrica.tk
 
Voor André, het bos in de krater
|
REISVERSLAG 10 (Tanzania, deel 2)
Geschreven door: Mirjam, 23 februari - 25 februari 2004
Visa
Bryant en Tal (Canadees advocatenstel) vertrokken van Kipepeo, wat
we erg jammer vonden. Het zijn erg leuke, interessante mensen, waar
we het goed mee konden vinden. Hun plan was om de Kongo te gaan
bezoeken en ze hadden nu eindelijk hun visa gekregen. Coen en ik
gingen naar de Sudanese ambassade om onze visa aan te vragen. Dit
hadden we al eerder willen doen maar doordat we eerst druk met de
auto bezig waren en daarna met de verwonding aan mijn pink was het
er nog niet van gekomen. We wisten dat het lang zou kunnen duren,
dus het moest nu echt gebeuren. In de wachtruimte van de ambassade
namen we plaats in luie stoelen waar we onze aanvraagformulieren
invulden. Op de televisie die in het midden van de ruimte stond,
was een aflevering van The Bold and the Beautiful te zien. Mustafa
verzekerde ons dat er over uiterlijk twee weken een bericht uit
Khartoum zou zijn.
En wij maar denken dat we iets unieks doen
Op de camping komt de ene na de andere overlander aan. Marino
en Sarah, de Belgen die we al eerder in Malawi tegen zijn gekomen.
Tim en Imelda uit Antwerpen, Richard en Evina uit Londen, Dirk en
Nanda uit Maastricht, een Turks stel, een stel uit Amsterdam, een
Oostenrijks stel met een Fiat panda (4x4) en een Zwitsers stel waarvan
de man in een rolstoel zit. En wij maar denken dat we iets unieks
doen. De meeste bleven wat langer in Dar omdat er van alles gedaan
moest worden zoals de auto repareren en visa aanvragen. Het eerste
dat aan elkaar werd gevraagd is of je naar boven of naar beneden
aan het reizen was. Er werd gesproken over de route en gevraagd
aan de mensen die van noord naar zuid (naar beneden) reden wat de
mogelijkheden waren. Het werd duidelijk dat de grens van Tjaad naar
Sudan gesloten was. De meeste mensen die omlaag reisden waren via
Egypte gekomen. De Zwitsers waren via Kameroen, Gabon, Kongo en
Angola gekomen en wilde via de oostkant weer omhoog naar Europa
rijden. Het ging er dus steeds meer op lijken dat we niet via Tjaad
naar West-Afrika zouden kunnen reizen.
Wachten in Dar
Omdat we op onze visa wachten blijven we in Dar. Een belangrijke
andere reden is dat André ook in Dar blijft en we het erg
prettig vinden dat hij mijn pink in de gaten kan houden. We maken
ons nog steeds zorgen en willen niets riskeren. Ook hadden we al
in Malawi met Marino en Sarah afgesproken kerst in Dar te vieren.
Iedereen op Kipepeo leek ergens op te wachten, visa, auto-onderdelen
of een Masai tolk. André moest nog een keer terug naar de
Masai om extra monsters te verzamelen voor zijn onderzoek. Hiervoor
was hij afhankelijk van een Masai tolk die maar niet kwam opdagen
en zijn afspraken niet nakwam. Richard en Evina krijgen als ze Dar
verlaten een ongeluk met de auto, een wiel raakt in een diep gat
en de auto rolt om waarbij een vrouw geraakt wordt die aan de kant
van de weg liep. Zij heeft een gebroken been. Richard en Evina hebben
niets, de opbouw van de Land Rover is totaal ontwricht. De poes,
die ze hebben meegenomen uit Marokko, heeft het ook overleeft. Coen
heeft het chassis nagemeten en dat is nog recht dus ze besluiten
de Land Rover te laten repareren. Richard en Evina zijn dus ook
genoodzaakt te wachten in Dar. Coen en ik voelde ons wel thuis in
de drukke oude stad ondanks de stank van de uitlaatgassen. Het is
een prettige stad met aardige mensen. De mensen op straat en op
de pont vragen altijd wat er met mijn vinger aan de hand is. Als
ik ze vertel wat er gebeurd is zeggen ze: pole sana (het
spijt me erg). Op Kipepeo is er de onophoudelijke zoute wind vanaf
de Indische Oceaan, het is erg heet en er is een hoge luchtvochtigheid.
Dit zorgt er volgens ons voor dat het genezingsproces van mijn vinger
langzamer verloopt. Ook roesten de tentstokken en alle gegalvaniseerde
bouten en moeren aan de auto. Coen heeft het druk, hij moet nu alles
alleen doen. Ik kan bijna niets, alles wat ik doe met mijn hand
is pijnlijk. In het begin mag ik van André zelfs niets met
mijn andere hand doen. Ik kan onze kisten niet uit de auto tillen,
ik kan niet autorijden, niet op het dak van de auto klimmen, niet
afwassen, geen fruit schillen en niet op de laptop werken aan het
reisverslag.
Op zoek naar een pastoor
Met André gaan we op zoek naar een pastoor voor de bruiloft.
We bezoeken er een paar maar ze spreken alleen Swahili. Van een
van hun zoons vernemen we dat het ook niet zo makkelijk is. Als
je in Tanzania wilt trouwen moet dit twintig dagen voorafgaand aan
de bruiloft aangekondigd worden in een speciale krant. Op deze manier
geef je mensen de gelegenheid om protest aan te tekenen. De Koreaanse
pastoor van Efatha Church, de kerk bij het ziekenhuisje waar mijn
vinger gehecht was, was überhaupt niet van plan André
te trouwen. Hij vertrouwde het zaakje niet en verdacht André
ervan mij als bijvrouw te hebben. Wij legde uit dat Coen en ik een
stel waren maar hij bleef wantrouwende blikken in mijn richting
werpen. De hulppastoor van Efatha Church, die ook bij het hechten
van mijn vinger aanwezig was geweest, had medelijden met André
en kwam s'avonds langs op de camping met een aanbod. Hij wilde wel
een trouwceremonie organiseren. Het idee ontstond om een traditionele
Masai trouwerij te organiseren. André had toch al een sterke
affiniteit met de Masai omdat hij bezig is met een onderzoek naar
de natuurlijke medicijnen van de deze stam. Riki stemde per sms
toe, dus de voorbereidingen konden beginnen.
De voorbereiding
In Dar op de Masai-markt kocht André samen met pastor Festus
de kleding, de sieraden een speer en een zwaard (geen Masai man
zonder een speer en zwaard). Coen en ik regelden de plek waar de
ceremonie plaats zou gaan vinden. André kampeerde nog steeds
op Sunrise Beach en toen ik op twintig december langs kwam om mijn
vinger te laten verzorgen zei hij dat de hechtingen eruit konden.
De knopen die de arts in het Efatha ziekenhuisje heeft gelegd krijgt
hij er niet makkelijk uit. De arts heeft volgens André niet
de gangbare knopen gebruikt. Het is een bizar artsenbezoek. Achter
mij zijn jongens van Sunrise Beach een buitenboordmotor aan het
repareren terwijl André, in zijn blote bast, met een scalpel
en pincet de hechtingen uit mijn vinger haalt. Als de poes van Richard
en Evina zich niet zo lekker voelt wordt bij gebrek aan een dierenarts
André er bij geroepen. André onderzoekt haar en geeft
haar wat homeopathische medicijnen (het moet niet veel gekker worden).
Op 23 december komt Riki per vliegtuig uit Johannesburg aan in Dar
es Salaam. We gaan met zijn allen de stad in om de resterende spullen
voor de ceremonie te kopen. André vindt dat de ceremonie
zo authentiek mogelijk moet worden. Alleen is hij niet bereid een
leeuw te doden. Voordat een Masai man waardig is te trouwen moet
hij eerst een leeuw gedood hebben. Ook de vijftien koeien die Riki
waard is worden niet uitbetaald maar blijven symbolisch. Vijf koeien
voor haar schoonheid (ze is knap), vijf voor haar gezondheid (ze
is gezond) en vijf voor haar leeftijd (ook al is ze voor een Masai
vrouw wel erg oud. Masai meisjes trouwen op hun veertiende en Riki
is al 29 jaar). De avond voor de ceremonie is het kerstavond. We
hebben een uitgebreid diner met Mariono en Sarah, Tim en Imelda
en André en Riki. Het is met deze warmte moeilijk voor te
stellen dat het kerstmis is. Voor ons lijkt het nog steeds zomer,
de herfst heeft nooit ingezet en de winter lijkt mijlenver weg.
Masai bruiloft
De ceremonie vindt plaats bij zonsopgang. Wij hebben de wekker gezet
en wachten op André. Hij zou naar Kipepeo komen voor de voorbereidingen
samen met Coen, die zijn best man is. Ik zou naar Sunrise
Beach gaan om Riki te kleden. Om half zes is André er nog
steeds niet dus gaan Coen en ik samen naar Sunrise Beach waar we
hem in het bed van zijn caravan aantreffen. Riki had haar eigen
wekker gezet en André was haar vergeten te zeggen dat er
een uur tijdsverschil is. André gaat snel douchen en vertrekt
dan met Coen naar Kipepeo. Ik blijf achter met Riki en doe haar
de doeken om zoals pastor Festus mij heeft voorgedaan. Ze ziet er
mooi uit maar lijkt toch meer op een Griekse schone dan op een Masai.
We wachten totdat pastor Festus en de dansers ons komen halen. Samen
lopen we over het strand naar Kipepeo Beach. We schrijden over het
strand, een stap en de andere voet aansluiten, weer een stap en
de andere voet aansluiten enzovoort. Pastor Festus voorop en achter
ons de dansers die muziek maken en zingen. Als we de ceremonieplek
naderen zien we André zitten met achter hem twee Masai strijders.
Zodra Riki arriveert begint de ceremonie. Coen is behalve best
man ook fotograaf en rent in alle richtingen om op tijd alles
vast te leggen. Ik ben naast kleedster van Riki ook degene die de
videotape maakt. Voordat ik de videocamera gepakt heb is de ceremonie
al begonnen. Voor de gelegenheid heeft Festus gezorgd dat André
een Masai vader heeft en Riki een Masai moeder. De vader leidt de
ceremonie in en pastor Festus vertaalt het. De moeder spreekt Riki
streng toe. Zij zegt haar altijd goed te moeten luisteren naar haar
man en hem niet tegen te spreken. Ook moet ze zorgen dat ze de familie
van haar man altijd gastvrij ontvangt. In het begin van de ceremonie
heeft André Riki haar hoofdsieraad opgezet, wat overeenkomt
met het uitwisselen van de ringen bij een westers huwelijk. Coen
biedt als best man André een kopje geitenmelk aan,
als hij ervan gedronken heeft drinkt Coen de beker verder leeg.
Later in de ceremonie worden de woorden van verbintenis uitgesproken
en pastor Festus neemt de handen van het bruidspaar en bidt voor
hen én voor heel Afrika.
Een slang kussen
De ceremonie wordt beëindigt met het aanbieden van de cadeau's,
die bestaan uit kook- en schoonmaakspullen voor Riki. Potten en
pannen, rijst en maïsmeel en twee bezems. Zij zal volgens Masai
gebruik na de inzegening moeten beginnen met het bouwen van hun
hut en daarna is ze verantwoordelijk voor het koken van het eten
en het schoonhouden van de hut, terwijl de man op jacht gaat. Als
de ceremonie afgelopen is worden Coen en ik uitgenodigd om het woord
tot het bruidspaar te richten. We hebben ons hier helemaal niet
op voorbereid en improviseren wat in het Nederlands, wat André
en Riki gedeeltelijk verstaan. Als het bruidspaar gefeliciteerd
is door iedereen lopen we met zijn allen vergezeld door de dansers
naar het strand. Daar kunnen foto's worden gemaakt. Ook komt er
een jongen met een slang. Hij haalt hem uit een mand en speelt met
hem voordat hij hem aan André aanbiedt. André weet
niet wat de bedoeling is want hier heeft pastor Festus het niet
over gehad. Maar hij is niet voor één gat te vangen
en pakt de slang aan, brengt hem naar zijn mond en kust hem op zijn
kop. De jongen pakt de slang weer over en daagt hem uit, net zo
lang totdat de baby python hem bijt. Hij was iets te laat met het
terugtrekken van zijn hand. Na de fotosessie vertrekt iedereen en
ontbijten Coen, André, Riki en ik bij Kipepeo. De rest van
de dag luieren we in de schaduw en André en Riki zwemmen
in de zee. s'Avonds, eerste kerstdag, eten we met André en
Riki en spelen Jeu de Barricade.
Periode overbruggen
Na dik drie weken Dar en Kipepeo waren we het zat. We besluiten
om nog een week te wachten op onze Sudanese visa en als ze er dan
nog niet zijn toch maar te vertrekken. Volgens de managers van Kipepeo,
een Nederlandse vrouw en een Australische man, is er een heerlijk
plekje in de bergen waar het minder warm is en waar geen toeristen
komen. Daar bij de missiepost van father Baruti kunnen we de periode
overbruggen terwijl we wachten op onze visa. André en Riki
zijn naar Kipepeo verhuisd. André zullen we weer zien al
we weer terugkomen naar Dar, van Riki nemen we afscheid, zij zal
op 2 januari weer naar Johannesburg vliegen. Op 29 december vertrekken
we naar Amani, een dorpje in het tropische regenwoud van de Usambara
Mountains, ten westen van de kustplaats Tanga. Eerst gaan we in
Dar nog langs bij de Sudanese ambassade. Mustafa zegt er ook niets
van te snappen dat er nog geen antwoord uit Khartoum is. Ook gaan
we langs bij de Libische ambassade om te vragen of we van Sudan
naar Libië kunnen reizen omdat het waarschijnlijk niet mogelijk
is van Sudan naar Tsjaad te reizen. In een achteraf straatje vinden
we de ambassade en in een bedompt vertrek zit een man die ons vertelt
dat het niet nodig is om een visum aan te vragen. Volgens hem zijn
we meer dan welkom en kunnen we aan de grens een visum krijgen.
Onze Nederlandse collega's hebben hier deze ochtend volgens hem
ook al naar geïnformeerd en daar heeft hij het zelfde verhaal
aan verteld. (Deze collega's van ons zijn zonder twijfel de Nederlandse
overladers Nanda en Dirk.) We vinden het maar vreemd maar
laten het er voor nu maar bij zitten. We zien wel weer verder als
we in Sudan zijn. We worden hier steeds makkelijker in. In Afrika
is niets zeker en we leren al, net als de Afrikanen, bij de dag
te leven. Coen heeft toch weer iets voor de auto nodig dus daar
spenderen we ook nog tijd aan. We pinnen geld en gaan dan nog naar
de Shoprite om boodschappen in te slaan. Tegen de tijd dat we alles
gedaan hebben is het half vier maar we vertrekken toch maar. We
hebben geen zin om nu al weer terug te moeten gaan naar Kipepeo.
Bij de nonnen
Het eerste stuk rijden we over asfalt. Het wordt donker maar we
zien nergens een camping en rijden door. In het dorpje Muheza, waar
we het asfalt moeten verlaten, proberen we een guesthouse
te vinden. Niemand spreekt Engels en ze lijken ons niet te begrijpen.
We rijden toch maar verder, omhoog de bergen in. Het is een hele
tocht, ik ben moe en mijn pink doet pijn van alle bewegingen in
de auto. We rijden in het donker door tropisch regenwoud en eindelijk
zie ik op een halfvergaan bordje het woord katoliki staan.
Dit klopt met de omschrijving die we hadden meegekregen. We rijden
een smal pad op en zien de kerk liggen. We rijden naar de achterkant
van de kerk en parkeren de auto. Het is half elf en iedereen slaapt
al. We klappen de tent open en gaan slapen. s'Morgens zie ik van
boven uit het huis twee nonnen aan komen. Toen ze bij de auto stonden
riepen ze omhoog richting de daktent: hello, hello, who are you?
Ze nodigde ons uit naar het huis te komen voor het ontbijt zodra
we opgestaan zijn. In het huis van de zusters is alles zo als vroeger
bij mijn oma en opa, de tante nonnetjes uit Breda en mijn oma uit
Eindhoven. Alles is netjes schoongemaakt en opgeruimd. Het meubilair
is eenvoudig en functioneel. Over de kast waar het servies staat
ligt een laken tegen het stof en de vliegen. Over het broodmandje
ligt een oude maar schone en keurig gestreken theedoek. De ontbijtbordjes
en theekopjes zijn van verschillende serviezen en hebben gekleurde
bloemen als motief. We krijgen chipati's, thee met melk en vers
sap van kleine bloemen die daar groeien. Doordat ze maar blijven
vragen wie we zijn en wat we in Amani doen begrijpen we dat we niet
op Emau Hill zijn, maar dat we bij een andere missiepost zijn aangeland.
Als we doorvragen beginnen we het te begrijpen. Dit is wel de katholieke
kerk van father Baruti maar de missiepost Emau Hill, waar je ook
kunt kamperen, is nog verder omhoog. Maar de nonnen zijn verguld
met ons gezelschap en als we s'middags vertrekken willen ze niets
horen van een vergoeding voor de nacht en het ontbijt. Ze laten
ons beloven dat we weer terugkomen om hun te bezoeken.
Emau Hill
We rijden door prachtig tropisch regenwoud met woudreuzen en bananenbomen.
Bij Emau Hill worden we ontvangen door Vincent en father Baruti.
De plek valt ons een beetje tegen, we hebben hier helemaal geen
privacy in tegenstelling tot bij de nonnen. Het handjevol medewerkers
van de missiepost komt allemaal rond onze auto hangen. Het is lang
geleden dat er bezoekers waren. Wij hebben behoefte aan rust en
privacy en we vinden het moeilijk om onze plek te creëren.
Vincent wil ons graag een rondleiding geven maar wij houden het
voorlopig af. Coen had gedacht hier het waterzuiveringssysteem te
reinigen en de watertanks opnieuw te vullen. In de bergen is toch
altijd schoon water. Maar in heel Tanzania is water een probleem
en hier in de bergen is dat niet anders. Op de missiepost zijn prachtige
douches en keurige wc's, het enige probleem is dat er geen water
is. Er wordt voor ons water gehaald uit de rivier. Een vrouw uit
het dorp komt met een ton water op haar hoofd aangelopen en zet
die bij ons neer. s'Avonds brengt Vincent ons een grote olielamp
voor de rest is het aarde donker met rondom ons niets anders dan
regenwoud.
Rondleiding
Op oudejaarsdag worden we door father Baruti, Vincent en een meisje
uit het dorp rondgeleid over het landgoed van de missiepost. Father
Baruti vertelt vol trots dat de woudreuzen gekapt zijn om de plek
te creëren waar de kantine staat en de kerk wordt gebouwd.
(In heel Afrika zie je de ontbossing van het land. De plaatselijke
bevolking gebruikt het hout om te koken en te bouwen.) Hij leidt
ons door de kerk die gedeeltelijk af is. Hij heeft grootse plannen.
Hij wil naast de kerk een ziekenhuisje, een computerruimte waar
les wordt gegeven, een retraite centrum en een camping opzetten.
Het enige probleem is het geld. Steeds als er weer ergens geld is
ingezameld kan een gedeelte van zijn plannen worden uitgevoerd maar
nu ligt de bouw stil. Volgens ons is het gebrek aan leidingwater
een probleem bij zulke grootse plannen, maar father Barutu heeft
er alle vertrouwen in dat er een oplossing voor komt. De bedoeling
is dat het water uit de lager gelegen rivier omhoog wordt gepompt
en er wordt regenwater opgevangen vanaf de daken van de gebouwen.
Het probleem is dat het al een hele tijd niet geregend heeft. Ons
lijkt het essentieel dat als je mensen wilt ontvangen dat er uit
de douches water komt en dat de wc's doortrekken. Maar goed, father
Barutu weet van aanpakken en heeft in dit gebied toch al heel wat
gerealiseerd. Hij leidt ons verder rond over het landgoed. We dalen
af naar een riviertje waar de 'natuurlijke kerk' van father Baruti
ligt. Hij is van plan in de nissen van de bergwand Mariabeelden
te plaatsen. Een Finse televisieploeg heeft er tijdens een mis opnames
gemaakt. We lopen weer omhoog langs een boerderij van de missiepost
waar koeien gehouden worden en vrouwen bezig zijn met het malen
van graan. In het riviertje wat we oversteken doet een vrouw de
was, het water staat erg laag. Father Baruti gaat de mis voor oudejaarsavond
voorbereiden. Wij zullen alleen op Emau Hill blijven en zullen op
nieuwjaarsdag de mis bijwonen in de kerk bij de nonnen.
Oud en nieuw
Coen en ik maken het gezellig. We maken een kampvuur, steken de
olielampen aan, maken het avondmaal klaar en zetten de champagne
koud (de witte wijn in een emmer water). We zetten de cd-speler
van de auto aan en genieten van mooie muziek. Father Baruthi samen
met alle medewerkers van Emau Hill komen langs in de Land Rover.
Ze vertrekken naar de kerk voor de oudejaarsmis. Het is rustig op
Emau Hill, alleen de kok en de bewaker zijn achtergebleven. We eten
heerlijk en om twaalf uur trekken we de fles wijn open. Beneden
in het dorp horen we tromgeluiden en gezang. Het was een heerlijke
avond en tevreden klimmen we de daktent in.
Naar de mis
Donderdag 1 januari 2004 staan we vroeg op en breken we ons kamp
op. We rijden de acht kilometer terug naar de kerk van de nonnen.
Na de mis zullen we bij hun blijven kamperen. Dat hebben we afgesproken
met father Baruti. Bij de kerk is namelijk wel leidingwater. Het
is regenwater dat via de daken verzameld is, maar zij hebben nog
genoeg. En we hebben meer privacy op het veldje achter de kerk.
De nonnen zijn al in gebed als wij aankomen maar ze werpen ons een
blijde glimlach toe. We nemen plaats achter in de kerk. De vrouwen
zitten links en de mannen rechts, maar een vrouw die goed Engels
spreekt en ons hartelijk welkom heet, verzekert me dat ik bij Coen
mag gaan zitten. Ik ben Rooms-katholiek gedoopt. Daar is het bij
gebleven. Wel ging ik altijd met mijn oma en opa mee naar de kerk
in Breda als we daar logeerden. Coen is ook Rooms-katholiek gedoopt
en heeft zelfs de heilige communie gedaan in zijn safaripakje. Dat
is nog het enige dat hij zich er van kan herinneren en misschien
is zijn voorliefde voor Afrika hier begonnen. Hij is sindsdien altijd
gek op safarioutfitjes geweest. De mis wordt in het Swahili gehouden.
Father Baruti weet zijn toehoorders te boeien. Hij bouwt in zijn
verhaal de spanning op tot een hoogtepunt en maakt daarna een luchtig
grapje waar de hele gemeenschap hartelijk om moet lachen. Speciaal
voor ons houdt hij bepaalde delen van de mis in het Engels. Ook
worden we voorgesteld aan de gemeenschap in het Swahili. Hij vertelt
over onze reis dwars door Afrika. Als hij klaar is vraagt hij of
wij de gemeenschap wat te zeggen hebben. Ik bedank iedereen voor
hun gastvrijheid en father Baruti voor de mooie mis.
Bidden voor ons
Als iedereen vertrokken is bouwen wij ons kamp op. Nu kunnen we
het waterzuiveringsysteem schoonmaken. Op het veld waar we kamperen
is een kraan waarmee we de tanks vullen. Als we de waterzuivering
uitproberen is hij na een fles te hebben gevuld al weer verstopt.
We halen de filters er weer uit en het keramische filter is helemaal
roodbruin. Het regenwater wat verzameld is op de daken van de verblijven
zit vol met stof en aarde. We blijven drie dagen bij de nonnen.
We luieren en doen kleine klusjes. Op zaterdag ontbijten we aan
ons kampeertafeltje terwijl naast ons de mis word gehouden en het
'onze vader' in het Swahili wordt gebeden. In het verblijf van de
nonnen mogen we in bad, het water is net als het filter roodbruin
van kleur. Op zaterdag komen de kinderen van de gemeenschap het
huis van de nonnen en de kerk schoonmaken. Ze vinden het prachtig
om naar ons te staren en de auto en de daktent te bewonderen. Wij
worden er een beetje zenuwachtig van en willen lekker onze gang
gaan maar vinden dat lastig met de ogen van al die kinderen op ons
gericht. s'Middags krijgen ze les van zuster Praxed en kunnen wij
weer onze gang gaan. Op zondag ochtend ontbijten we bij de nonnen
die erg verdrietig zijn dat we vertrekken. Zuster Praxed had graag
gewild dat we langer bleven in de hoop dat ik haar computerles zou
kunnen geven op de laptop. De jongste van de nonnen was in retraite
gegaan en zou speciaal voor ons gaan bidden tijdens deze retraite.
Wij namen afscheid van alle drie de nonnen en van father Baruti.
Terwijl wij wegreden begon father Baruti met de zondagsmis.
De Masai
We rijden dezelfde weg terug naar Dar. Langs de weg lopen de Masai
in hun traditionele kleding. Ik had altijd gedacht dat de Masai
in Kenia woonden en dat Serengeti en de Kilimanjaro zich ook in
Kenia bevonden. Maar op de een of andere manier is Kenia om deze
dingen bekend terwijl de meeste Masai in Tanzania wonen en alleen
een klein deel van Serengeti, namelijk de Masai Mara, zich in Kenia
bevindt. De Kilimanjaro bevindt zich in Tanzania en is alleen maar
vanaf de Keniaanse kant van een afstand te bewonderen. Maar omdat
alle documentaires vanuit Kenia worden opgenomen associëren
mensen deze dingen met Kenia. Kleine Masai jongens lopen langs de
weg en hoeden de kuddes. Soms zijn ze pas vier jaar oud en hebben
ze al de verantwoordelijkheid over een kudde van twintig koeien
en een aantal geiten. Als de Masai jongetjes oud genoeg zijn worden
ze besneden en na een periode van afzondering komen ze in het tweede
stadium, namelijk dat van krijger. Nu zijn ze verantwoordelijk voor
het beschermen van de kuddes. De kuddes worden voornamelijk bedreigd
door hyena's en leeuwen. Het derde stadium is dat je bij de ouderen
hoort wat inhoudt dat iedereen je respecteert voor de wijsheid die
je hebt opgedaan, én je mag alcohol drinken. Het laatste
stadium is de periode voor de dood. De mannen drinken bloed en melk
van de koeien en de geiten. De mannen eten ook vlees wat verboden
is voor de vrouwen. De vrouwen mogen niet eens aanwezig zijn als
de mannen vlees eten. Zij hebben zover ik begreep een minderwaardige
positie.
André en de Masai
André heeft ons verteld dat onder de Masai wel HIV voorkomt
maar dat het zich bijna nooit tot het stadium van Aids ontwikkelt.
De vraag is of het met de voeding van de Masai te maken heeft of
dat het een genetische kwestie is. Hier wordt onderzoek naar gedaan.
Ook schijnen de Masai mannen helemaal geen haargroei op hun lichaam
te hebben wat misschien met hun dieet te maken heeft. André
was aanwezig bij een besnijdenis van een jongen. Het werd gedaan
met het Masai zwaard (lang mes) dat voor deze handeling niet gedesinfecteerd
wordt. De jongen gaf geen krimp en staarde zoals gebruikelijk is
zijn vader aan, die achter de man stond die de besnijdenis uitvoerde.
Ook was André aanwezig bij feesten waarbij de Masai mannen
recht omhoog de lucht in springen, waar ze urenlang mee door kunnen
gaan. De Masai associeerde André met het komen van de regen
omdat de twee keer dat hij het dorp bezocht het ging regen na een
lange tijd van droogte. Ze hadden hun dansen uitgevoerd en hun gebeden
werden beloond met de regen die samen met André kwam. André
kreeg een stuk land en een vrouw aangeboden toen hij de kleinkinderen
van een oudere Masai genas. Hij heeft met veel beleefdheidsvormen
en dankbetuigingen het aanbod afgewezen en de man uitgelegd dat
zijn stam het niet toestaat om met twee vrouwen te trouwen.
Terug in Dar, en weer weg
Ik ben blij dat Coen rijdt op deze tweebaanswegen in Tanzania. De
buschauffeurs rijden als gekken. De bussen komen uit China en de
chauffeurs hebben er stickers op geplakt met teksten als: In
God we trust en No Fear. Nadenken doen ze volgens ons
niet en ze lijken zich totaal niet bewust van de consequenties die
hun roekeloze rijstijl met zich mee kan brengen. Op Kipepeo is het
warm en vochtig. De Belgen hebben hun ouders op bezoek, zij reizen
een paar weken mee door Tanzania. We kletsen bij met André,
Richard en Evina. Met volle maan maakt Richard een groot kampvuur
op het strand waar we met zijn allen bij zitten en drankjes drinken.
André kijkt naar mijn pink en is tevreden met de vooruitgang.
Ik doe keurig drie maal daags mijn oefeningen die ik van André
heb opgekregen. De zoute zeewind zorgt er helaas weer voor dat de
korst van de wond te snel uitdroogt en net nu ik voor het eerst
geen verband meer om mijn pink doe moet ik het toch weer afdekken.
Bijna iedereen heeft Zanzibar bezocht maar wij besluiten er niet
naar toe te gaan. In Kikamboni bezoeken we herhaaldelijk het internetcafé,
lunchen bij het plaatselijke tentje en kopen mango's op de markt.
Op de markt hangen stukken vlees in de stalletjes omsingeld door
zwermen vliegen. Ik ben blij dat ik een vegetariër ben. Op
acht januari vertrekt André naar Arusha, hij wil niet langer
wachten en hoopt de tolk in Arusha aan te treffen. Coen en ik vertrekken
de volgende dag. Onze visa zijn nog steeds niet aangekomen. We gaan
nog een keer langs bij de ambassade. Mustafa geeft ons een briefje
in het Arabisch mee waarop ons filenummer staat en andere gegevens
over onze aanvraag. Hij belooft het antwoord uit Khartoum door te
faxen naar Nairobi zodra het is aangekomen. Ondanks alle negatieve
verhalen van mensen over het personeel van de ambassade hebben we
vertrouwen in Mustafa. We gaan weer pinnen en naar de Shoprite en
het is weer half vier voordat we vertrekken naar het noorden.
Teleurstellend
We overnachten op een camping die op de kruising van de wegen naar
Tanga en Arusha ligt. Een Masai krijger is de bewaker en zoals bijna
alle Masai spreekt hij geen woord Engels. Hij komt even bij de auto
staan en vertrekt dan weer om op zijn stok plaats te nemen. Masai
mannen hebben een stok bij zich waar ze op een wonderbaarlijke manier
op gaan zitten om uit te rusten. Het landschap vanaf de kruising
is erg mooi. Het is een open heuvelachtig landschap met op de achtergrond
bergen. Er zijn veel palmboomplantages. In elk dorp zijn er speedhumps,
die het reizen onaangenaam vertragen. We genieten van het landschap
maar ik word erg afgeleidt door de pijn die weer in het nagelbed
van mijn pink is ontstaan. Ik vertrouw het niet en word er erg onzeker
van. We hadden nog niet echt beslist waar we naar toe zouden gaan,
maar besluiten nu maar door te rijden naar Arusha zodat André
naar mijn vinger kan kijken. We worden er moedeloos van. We zijn
nu al zo lang met mijn pink bezig. In Nederland zou dit heel anders
zijn. Het zou ook een gemene verwonding zijn maar alle onzekerheid
en zorgen die we er hier over voelen zouden in Nederland helemaal
niet aan de orde zijn. Het in Afrika zijn maakt het allemaal heel
anders en veel intensiever. Als we Moshi naderen kijken we uit naar
de wereldberoemde Kilimanjaro. Maar we zien niets, we zien wel een
aantal bergen maar de toppen zijn bedekt door een dik wolkendek.
Welke van de bergen de Kili is kunnen we niet zeggen. Het is teleurstellend.
Al die heisa om dit? De Kili is met zijn 5892 meter de hoogste berg
van Afrika en dus beduidend hoger dan de Mont Blanc, maar zo lijkt
het niet. Om te beginnen ligt de boomgrens in Afrika veel hoger
en ook de grens van de eeuwige sneeuw. Daarnaast ligt de hoogvlakte
rond de Kilimanjaro al op ruim 3000 meter zodat de piek zelf niet
zo indrukwekkend is.
Een dip
André constateert dat er opnieuw een ontsteking in mijn pink
is ontstaan. Hij vraagt zich hardop af waarom het genezingsproces
zo langzaam gaat en of mijn afweersysteem wel in orde is. Waardoor
ik ontzettend ongerust word en in snikken uitbarst. Hij stelt me
gerust en zegt dat het warme klimaat in Dar er hoogstwaarschijnlijk
de oorzaak van is. Er is daar volgens hem ook erg veel vuil in de
lucht omdat de mensen langs de kant van de weg poepen en piesen,
en er overal afval ligt. Hij vindt het toch beter dat ik nogmaals
een antibiotica kuur neem. Dit keer geeft hij me twee injecties
zodat ik minder last heb van alle bijwerkingen. Coen en ik hebben
ons de afgelopen tijd te veel zorgen gemaakt en zitten in een dip.
We voelen ons uitgeput en zijn niet meer zo vrolijk als normaal.
André vindt dat hij daar iets aan moet doen en geeft ons
beide een vitamine B injectie (hij is blijkbaar gek met injectie's).
Ik knap er meteen van op, bij Coen duurt het iets langer. André
neemt ons mee naar de Kilimanjaro, maar ook dit keer is het kreng
in wolken gehuld. Hij schijnt zich alleen s'morgens heel vroeg even
te vertonen. Graag of niet hoor. Wij zetten bij de foto van de Mount
Meru wel dat het de Kili is, geen mens die het verschil ziet (toch?).
Jarige Job (Jim)
We nemen afscheid van André, hij heeft de tolk gevonden en
vertrekt naar het Masai dorp. Wij vertrekken naar Karatu door savannelandschap
vol met Masai herders en hun kuddes. We rijden omhoog langs een
bergwand en komen aan in een modderig dorpje waar we overnachten.
Het is veertien januari, de volgende dag is mijn verjaardag. Als
we wakker worden klappen we de daktent in en als ontbijt eten we
een stuk taart, Coen zingt vol overgave 'lang zal ze leven' voor
me. We zijn vroeg opgestaan want mijn verjaardagscadeau is dat we
naar de Ngorongoro Crater gaan. Bij de entree betalen we honderd
dollar. Ik wordt boos dat we niet eens een plattegrondje van de
krater krijgen. Deze zijn op en daarom moeten we maar bij het winkeltje
een plattegrond van vijftien dollar aanschaffen. Als we het park
inrijden zijn deze ergernissen snel vergeten. Het is een beschermd
gebied maar er zijn ook dorpjes en de Masai wonen er en hoeden zelfs
hun kuddes in de krater. Nog voor we op de rand van de krater zijn
zien we bavianen en ander wild. We melden ons bij de toeristenpost
waar je een gids krijgt toegewezen. Wij zeggen dat hij hartelijk
welkom is om ons te escorteren maar dat hij dan wel voor eigen vervoer
moet zorgen, wij hebben geen plaats voor hem. Als de man onze vastberaden
houding ziet laat hij ons alleen de krater in gaan. Eerst bellen
we nog onze ouders en mijn zus zodat ze mij met mijn verjaardag
kunnen feliciteren. Op de rand van de krater zetten we onze kampeertafel
en stoelen neer en alle lekkernijen die we gekocht hebben voor mijn
verjaardagsontbijt. Drie net besneden Masai jongetjes, te herkennen
aan hun beschilderde gezichten om de kwade geesten af te weren en
hun zwarte kleding, komen geld aan ons vragen. Een oude Masai man
komt naar ons toe en geeft me een hand. Coen laat me geloven dat
hij deze man speciaal heeft laten komen om me te feliciteren. Als
ik hem mijn laatste Smarties geeft kijkt hij dolgelukkig. Coen heeft
allerlei cadeau's voor mij verzameld in de Shoprite, bij gebrek
aan tijd voor het aanschaffen van echte cadeau's. Maar de situering
van dit verjaardagsontbijt is zo prachtig en Coen heeft zo zijn
best gedaan dat ik nu al weet dat dit een verjaardag wordt die ik
nooit zal vergeten.
Leeuwen!!!
Als we afdalen in de krater zien we in de verte een kudde. Ik zoom
in met mijn videocamera en zie dat het koeien zijn, als we dichter
bij komen zien we de Masai krijgers die de kudde bewaken. De moed
zakt ons in de schoenen, dit wordt ons laatste wildpark en we zijn
bang dat we ook hier geen leeuwen zullen zien. Ergens verderop zie
ik nog een kudde en we rijden er naar toe. Voor ons zien we een
stuk of zes auto's van gidsen staan, daar is blijkbaar iets te zien.
Het is laagseizoen maar in de parken in Tanzania en Kenia zijn altijd
toeristen te vinden. We sluiten in de rij aan maar kunnen niets
zien. Tegen de regels van het park in stap ik uit de auto en kijk
om het hoekje langs de auto's. Leeuwen, ik zie leeuwen, roep ik
tegen Coen. Eindelijk na een half jaar reizen door Afrika zien we
leeuwen. Wel jammer dat al die andere toeristen, net ingevlogen
uit Europa, in de weg staan. Het ziet er ook niet zo romantisch
uit op deze manier. Als er een auto vertrekt kunnen wij aansluiten
en zo komen we steeds dichter bij de leeuw en leeuwin. We wachten
net zo lang totdat alle auto's weg zijn en wij de leeuwen voor ons
alleen hebben. Ze liggen vlak bij de auto. Ze zijn aan het paren.
Het mannetje staat op, nadert het vrouwtje van achter, bijt haar
in het rechter oor, bijt haar in het linkeroor, bijt haar in haar
nek en dan volgt een korte copulatie. Het mannetje laat zich op
de grond ploffen en het vrouwtje gaat op haar rug liggen met haar
poten omhoog. Ze blijven een tijdje liggen en dan begint alles van
voren af aan. Dit herhaalt zich keer op keer. Verderop komt nog
een mannetjes leeuw aangelopen. Hij gaat niet ver van dit tafereeltje
vandaan in het gras liggen. Wat een mooi verjaardagscadeau, twee
leeuwen en een leeuwin.

Nog meer leeuwen
Als we na anderhalf uur vertrekken zien we een stukje verderop weer
een leeuw. Hij ligt langs de kant van de weg. Het is een oudere
leeuw met een prachtige grote kop, alsof hij zo uit een Walt Disney
film gestapt is. Op de achtergrond staan de kuddes Gnoe's waar Serengeti,
Ngorongoro en de Masai Mara zo bekend om zijn. Om een lang verhaal
kort te maken, we zien op deze dag, vijftien januari 2004, in totaal
elf leeuwen. Drie leeuwen en acht leeuwinnen!
Laatste afscheid
Terug in Arusha zien we André weer, hij is net teruggekomen
van zijn bezoek aan het Masai dorp. Hij zou al eerder terug komen
maar door de regen is hij vast komen te zitten in het dorp. Op de
terugweg heeft hij zijn Land Rover met caravan tot zes keer toe
los moeten lieren uit de modder. Ook ontmoeten we een gepensioneerd
Engels echtpaar dat over land van Engeland naar Zuid-Afrika reist
en een Belgisch overlandstel, Wendy en Jacky. Op maandag
19 januari nemen we voor de laatste keer afscheid van André.
Hij zal naar het zuiden reizen, terug naar huis, en wij vertrekken
verder naar het noorden, naar Kenia.
Niets uit bovenstaande tekst mag worden
gepubliceerd zonder voorafgaande toestemming van de auteurs.
Het zelfde geldt voor alle afbeeldingen en foto's.
Mirjam van Tiel & Coen Barthels ©
2004
|