|
 
Springbok, Zuid-Afrika
 
Ai-Ais, Namibië, de auto krijgt een beurt 
Kokerboom, Namibië

Piste, Namibië 
Mirjam in de Namib Desert
 
Sossusvlei. Namibië

"Diep sand, jij nie stop nie"
 
Solitaire
 
Africa by Air, onze volgende reis?
 
Don, Moose, Coen, Mirjam en Johan
|
REISVERSLAG 2
Geschreven door: Mirjam, 13-17 augustus 2003
Onderweg naar Namibië
Langs de N7 zijn we omhoog gereden naar Namibië. Onze eerste
overnachting was in Citrusdal. We zijn een extra nacht gebleven
omdat één Air Spring was leeggelopen. Daar stonden
we weer. Met onze zwaar beladen auto konden we zo niet verder rijden.
Hopelijk niet weer terug naar Kaapstad, Pat ziet ons al aankomen!
Gelukkig was het probleem met de luchtveer in een middag verholpen
en de andere dag zijn we doorgereden over de N7 naar Springbok.
Een late winter was ingezet en het was af en toe fris, vooral tegen
de avond (terwijl het in Nederland 35 graden scheen te zijn). We
zijn een extra dag in Springbok gebleven om wat te e-mailen en uit
te rusten. Omdat het weer niet beter werd besloten we door te reizen
naar de grensovergang.
Valsheid in geschriften als argument
Onze eerste echte grensovergang, alhoewel deze niet echt geldt.
Namibië en Botswana vallen onder de regio Zuidelijk Afrika,
te vergelijken met de Benelux. Bij aankomst kregen we een soort
strippenkaart waarmee we bij vijf verschillende kantoren stempels
moesten verzamelen. Het ging allemaal erg voorspoedig. Behalve bij
het laatste loket waar je belasting terug kan vorderen. We hadden
aardig wat uitgaven gehad in Zuid-Afrika, en je kunt overal de VAT
(BTW) van terug krijgen als je kunt laten zien dat je de spullen
die je gekocht hebt uitvoert. Maar de dame achter het loket had
er niet zo veel zin in. Ze beweerde dat alleen mensen uit Namibië
het bedrag van de VAT cash konden opnemen bij een bank in Namibië.
Ze kon wel een check naar Nederland sturen maar die moest binnen
drie maanden door ons ge•nd worden. Pas toen Coen boos werd belde
zij haar chef en kon het opeens wel. Toen beweerde ze dat van één
factuur het bedrag te hoog was. We mochten zelf komen kijken als
we het niet geloofde, de computer accepteerde het bedrag niet. Wij
weer aandringen en Coen weer boos worden. Ze probeerde het tenslotte
nog vier keer en opeens accepteerde de computer het bedrag wel.
Bij de laatste rekening wilde ze waarschijnlijk ook eens haar gelijk
halen en hield ze voet bij stuk. Alle rekeningen moesten namelijk
aan tien voorwaarden voldoen, en op de bewuste rekening stond alleen
'invoice', in plaats van 'tax invoice'. Coen's voorstel om het er
met een pen bij te schrijven werd weggewimpeld als valsheid in geschriften.
Bureaucratie ten top! We zijn het daarna nog vaker tegen gekomen,
eerst kan iets absoluut niet en als je dan niet toegeeft is er helemaal
geen probleem en wordt het voor je geregeld.
Het was ondertussen al laat geworden maar we besloten toch door
te rijden naar Ai-Ais (bij Fish River Canyon). In het donker rijden
in Afrika is absoluut af te raden. Bij de grens hadden we nog een
auto gezien die in aanvaring was gekomen met een Kudu. Er was niet
veel over van de voorruit. Het was een prachtige tocht, meteen voelde
we ons thuis. Prachtige uitgestrekte vlaktes met onbeschrijfelijk
mooie pastelachtige kleurschakeringen. We waren blij het paranoïde
Zuid-Afrika even achter ons te laten. Diegene met bezit zijn daar
de hele tijd bezig met dit te bewaken en ons te waarschuwen voor
berovingen. In Namibië heerst een heel andere sfeer, hier heb
je dat niet zo (trouwens wel in de grotere steden, maar goed wij
zijn nu eenmaal gek op Namibië).
Een echte steenbok
De zon ging al bijna onder maar het kon me niet schelen. Vorig jaar
vond ik het idee te stranden in het midden van nergens en daar je
kamp op te slaan nog doodeng, maar nu voelde ik me helemaal op mijn
gemak. Heerlijk in onze eigen auto, een enorm verschil als je over
de pistes dendert in een Golfje met afgesleten banden of in een
Jeep met super banden. We hebben 60 liter water bij ons en een kist
vol eten. Dat we nu een daktent hebben in plaats van een tentje
op de grond maakt ook een groot verschil. Maar goed we kwamen net
in het donker aan op de campsite van Ai-Ais.Het opzetten van de
daktent is in korte tijd gepiept. Ik klim langs de achterdeur van
de auto op het roof rack (als steenbok houd ik erg van klimmen)
en vouw de daktent open. Coen pakt aan de voorkant van de auto het
trapje aan en hij staat.
We zijn een paar dagen gebleven, de camping is prachtig gelegen
tussen de bergen. In de rivier stond zo goed als geen water. De
droogte is hier het gene dat de mensen bezig houdt. We hebben ons
kamp gemaakt, de luifel voor het eerst opgezet en ik heb lekker
zitten schrijven en lezen. Coen was alweer met de auto bezig, er
was toch het een en ander niet naar zijn zin en de auto moest nog
een beurt krijgen. Ook hebben we heerlijk gezwommen in het door
bronnen verwarmde water van het zwembad. Coen en ik genieten ervan
om samen te zijn, heel wat anders dan in Nederland waar we elkaar
alleen in het weekend zagen.
Namibië is mooi!
Je rijdt hier uren zonder iemand tegen te komen. In een zo ongelofelijk
mooi landschap. Het geel van het savannegras overheerst samen met
het rood van de aarde en het zand, (dode) bomen geven een bruin
accent met hier en daar een beetje groen. Op de achtergrond zie
je steeds van vorm veranderende bergen. Onderweg zie je springbokken,
spiesbokken (Gemsbok), struisvogels en bavianen. De springbokjes
zijn indrukwekkend om hun elegantie en hun hoge sprongen en de spiesbokken
om hun kracht en schoonheid. Overal waar je komt zijn vogels van
een doodgewone mus tot kleurrijke tropische vogels. Het is een waar
genot om naar al deze beesten te mogen kijken.
De ene indruk volgt op de andere, als schilderijen die voorbij komen.
Kunst lijkt hier overbodig. Je lijkt de pracht van de natuur niet
te kunnen overtreffen, en van de andere kant voel ik inspiratie
en wil ik zelf dingen gaan maken. Maar mijn schilderspullen zitten
nog in de onderste, middelste kist, moeilijk bij te komen dus.
Doordenker
Zoals ieder overlander weet is het inpakken van de auto met je bagage
en het weer ompakken iets waarmee je bezig blijft. Nee, het is toch
handiger om de kookspullen boven in te hebben en het eten onderin,
en later blijkt het omgekeerde weer handiger. We hebben met onze
Jeep Cherokee trouwens niet zoveel keuze. Vergeleken bij een Toyota
of een Land Rover hebben we maar weinig pakruimte. Maar Coen heeft
natuurlijk goed nagedacht over hoe de auto zou worden ingericht.
En daar hebben we veel plezier van. (Die jongen blijft maar doorgaan
met denken, alles wordt grondig uitgedacht voordat er tot actie
wordt over gegaan.)
De dorpen zijn klein en hebben vaak maar een paar winkels waar als
je geluk hebt je brood kan krijgen. Daarnaast verkopen ze blikken
met een aantal verschillende soorten groenten en fruit en zeep en
dergelijke. Er liggen een paar zakjes aardappels, zoete aardappels
en wortels in de schappen, en eieren, en dat is het dan. En overal
kunnen we aan chocolade komen, dus dat eten we vaak. Het toerisme
tiert hier welig, vaak kom je na een dag rijden zonder veel mensen
te hebben gezien, op een camping waar het stikt van de toeristen.
Soms zijn er wel twee
Op 6 augustus vertrokken we uit Ai-Ais, eerst de toeristische route
langs Fish River Canyon, en daarna door naar Aus. We kwamen met
zonsondergang aan, Aus lijkt belangrijk op de kaart maar is ook
weer zo'n dorpje waar zo goed als niets is. Er zijn geen toeristen,
die zijn om deze tijd in de lodges en op de campsites. Er lopen
een paar honden op de stoffige zandweg, er hangen een paar mensen
rond bij de telefooncel, er is een winkel annex benzinepomp, postkantoor,
coffeeshop. De winkel wordt gerund door Afrikaners (niet te verwarren
met, zoals wij het woord Afrikaans gebruiken, de zwarte bevolking
van Afrika), iedereen uit het dorp doet er al zijn boodschappen,
of in de andere winkel die precies hetzelfde verkoopt. De drankwinkel,
erg kenmerkend voor ieder groter dorp, ontbreekt ook hier niet (soms
zijn er wel twee). Maar nergens een bank of ATM machine.
Op de pof
We kampeerde in Klein Aus Vista, prachtig gelegen tussen de heuvels.
s' Morgens ontmoette Coen daar (onze eerste) overlanders. Pieter
Mulder is samen met zijn vrouw al drie jaar door Afrika aan het
reizen, en ze willen er voorlopig nog niet mee ophouden. Na de nodige
tips te hebben gekregen besloten via Mathahöhe richting Sesriem
te rijden omdat dat de dichtstbijzijnde plek is om aan geld te komen.
We kwamen alweer met zonsondergang aan en de bank was gesloten.
In een winkel, annex, coffeeshop, V.V.V. kantoor, konden we bij
de zeer gastvrije Afrikaanse (uitspreken op zijn boers, dan klinkt
het zo'n beetje Afrikaans) eigenares op de pof eten inslaan. Als
Nederlander doe je het goed bij de Afrikaners, vaak willen ze Afrikaans
met je spreken en wordt er gesproken over de overeenkomsten en verschillen
van de taal (dit ervaren we bij zowel zwarte als blanke). We kampeerde
als enige op de campsite van een Duitse (Namibiaanse) boeren familie.
Het hele erf was keurig netjes aangeharkt, de Duitse properheid
is er door de generaties heen niet uitgesleten.
De andere dag hebben in Mathahöhe geld opgenomen en boodschappen
gedaan. Hier is de enige grote supermarkt in de wijde omgeving,
maar groot was die niet en veel was er niet te krijgen. Een prachtige
dagtocht later kwamen we bij Betesda Rest Camp aan, vlakbij het
duurdere en toeristische Sesriem. We zijn er twee nachten gebleven,
de laatste nacht stormde het en hebben we, uit angst dat de tent
het luchtruim werd in geblazen, maar weinig geslapen.
Ik wilde ook graag een nachtje in Sesriem staan. Het landschap is
daar zo ontzettend mooi, savanne met hoog wuivend geel, wit gras.
Maar dit jaar was er door de droogte weinig van het wuivende gras
over. We deelde onze plek met een groep Italianen, de reisbegeleiders
vertelde dat ze in Sudan al vier jaar een reisorganisatie hebben,
als eerste Europeanen in dit moeilijk te bereizen land. We hebben
hun adres gekregen en mogen hun bellen als we problemen hebben met
de grensovergang van Ethiopië naar Sudan.
Een onleesbaar bord, iets met zand
s' Middags maakte we de tocht naar Sossusvlei, waar de hoogste zandduinen
van de wereld te zien zijn. Vorig jaar waren we er ook al geweest
maar moesten we het laatste stuk woestijn, dat alleen begaanbaar
is voor 4x4's, lopen. Dit jaar konden we het met onze eigen 4x4
rijden. Het leek mij een goede oefening, we zullen wel vaker door
zand moeten rijden. Ik had er echt zin in en kon haast niet wachten.
Coen vindt het altijd erg spannend door zand te rijden. Ik vind
het vooral leuk, ook omdat het hier toeristisch is en als je vast
komt te zitten niet langer dan een dag hoeft te wachten tot ze je
vinden. Ik zette Iz in z'n 4x4 en reed het mulle zand in. We waren
niet bekend met de regels van het zandrijden, je moet gas geven
om er doorheen te komen, dat is wat we wisten. Het lange stuk met
diep mul zand zorgde er wel voor dat mijn hart in mijn keel klopte,
maar alles ging prima. Coen reed de terugweg, hij moet toch ook
oefenen. Volgens twee gidsen, die toeristen op en neer naar Sossusvlei
rijden, konden we inderdaad voorbij de voor ons liggende heuvel
terug rijden richting Sesriem. Voorbij die heuvel waren we nog niet
eerder geweest. Er stond een bord naast het pad, iets met 'zand',
het eerste woord was niet te lezen.
Toen we voorbij het bord waren werd duidelijk dat het een waarschuwing
was en dat er 'diep zand' op stond. Coen raakte lichtelijk in paniek,
stopte de auto vlak voor de heuvel, zette hem in zijn vier laag
(hij stond in vier hoog) en gaf een dot gas. Nog geen tien meter
verder zaten we vast; altijd als Coen in zand rijdt zitten we vast!
We stapte uit de auto en zagen dat de wielen al erg diep in het
zand zaten, graven dus. Schep van het roof rack gehaald en aan de
slag. Ik vond het allemaal nog wel grappig, we konden dit beter
nu meemaken dan midden in de Sahara. We waren Loek Vermeulen (Holland
Africa Tour) dankbaar dat hij ons zulke degelijke scheppen had meegegeven.
Terwijl wij dachten het te redden met zo'n handig opvouwbaar leger
schepje. Oké, rondom de banden was het weer vrij, Coen weer
in de auto en volop op het gas. Tien centimeter en weer muurvast.
Weer graven en dan maar eens naar voren proberen uit het spoor te
komen. Coen weer in de auto, gas erop en weer vast. Coen bleef het
proberen, de wielen aan de kant waar ik stond bleven draaien dus
ik dacht dat alles goed ging. Er gebeurde niets, aan de andere kant
hadden de wielen zich zo goed als helemaal ingegraven en de onderkant
van de auto lag op het zand. Oeps, nu zag het er toch echt onoplosbaar
uit. Ik was teleurgesteld in de auto, het is toch een 4x4! Terwijl
Coen als een bezetene het zand onder de auto vandaan aan het scheppen
was, ben ik gaan kijken of er hulp te vinden was. Hier kwamen we
alleen niet meer uit, zo veel was me wel duidelijk.
Gas geven en niet stoppen
Een lokale man die toeristen rondrijdt heeft de auto met ons sleeplint
uit het zand gesleept. Vanaf het moment dat ik hem om hulp vroeg
bleef hij maar zeggen okay but then you can give me money. Ik vind
het best joh, als je ons er maar uit krijgt. De Jeep was zo los
en hij heeft hem er toen voor ons uitgereden. s' Avonds op de campsite
vertelde de Namibiaanse gids van de Italianen ons hoe je in zand
moet rijden. Je rijdt in zijn 4x4 hoog en zodra je diep zand ziet
geef je gas en stopt nergens voor (dus Coen voortaan niet de auto
precies voor de heuvel met diepzand stilzetten); je laat de banden
gedeeltelijk leeglopen en zodra je vastzit zet je de auto in zijn
4x4 laag en laat hem zichzelf heel rustig uit het zand rollen (dus
Coen niet meer vol op het gas als je los wilt komen uit zand, dat
doe je bij modder). We waren doodmoe van ons avontuur (en het slechte
slapen de avond ervoor) en trakteerde onszelf op een fles witte
wijn. We hadden de hele dag bijna niets gegeten en werden enorm
dronken. Dat was érg gezellig, alleen was ik de andere dag
kotsmisselijk en ziek (ook doordat we bij gebrek aan vers brood
in de winkel beschimmeld brood hadden gegeten).
Ik was ziek, we hadden weinig privacy bij de Italianen op de kampeerplek
en het mooie wuivende "Out of Africa" gras ontbrak dit
jaar, dus besloten we door te gaan naar Solitair.
Solitaire
Vandaag zijn we precies een week in Solitaire. Het plaatsje dat
zelfs in de bosatlas vermeld staat terwijl het bestaat uit twee
huizen en een benzinepomp. Het ligt in het midden van de woestijn,
niet een woestijn van alleen maar zand, er is ook (geel) gras en
er staan verspreid wat struiken Het geheel wordt omringd door lage
bergen, die bij zonsondergang de meest prachtige roodtinten aannemen.
Na het lezen van het boek 'Solitaire' van Ton van der Lee lijkt
het of we bekend zijn met de personages hier. Alles lijkt hetzelfde,
maar is het niet. Zo'n non fictie boek heeft een raar effect, mensen
begroeten Moose alsof ze hem al jaren kennen. Iedereen die het boek
gelezen heeft laat het hem weten (en er komen soms wel honderd toeristen
per dag). Iedereen wil zijn beroemde appeltaart en zelfgebakken
brood eten en maakt daar opmerkingen over.
Het boek gaat over Ton van der Lee, die Nederland zat is, alles
achter zich laat, een oude Ford in Kaapstad koopt en eindigt in
Solitaire. Daar trekt hij op met Moose, de broer van de eigenaar
van Solitaire en na een tijdje zet hij er een camping op en bouwt
er een restaurant. Ton wil een rustig leven, ver weg van de (Nederlandse)
hectiek, maar heeft door zijn ondernemerszin dit juist over zich
afgeroepen. Er komt iemand van 'The Lonely Planet' langs en schrijft
een stukje over Solitaire en de appeltaart en het zelfgebakken brood
van Moose. Nu komen er steeds meer toeristen en inkomsten worden
belangrijk, dit wordt uiteindelijk de aanleiding van een ruzie en
de reden van Ton's vertrek.
De broer van Moose heeft twee jaar geleden Solitaire verkocht aan
een keten van Lodges, deze hebben al het personeel overgenomen en
een lodge gebouwd. Elk jaar komen er meer toeristen en Moose lijkt
de opmerkingen af en toe meer dan zat te zijn. Hij mist de tijd
met Ton. Maar ze lachen ook heel wat af, vooral om de bezoekers,
toeristen tv noemen ze dat.
Kip, eend, honden en ijstaart
Wij zaten dagelijks op het terrasje voor de winkel, uit te kijken
over de twee benzinepomps naar alle auto's die aankwamen en weer
vertrokken. We praten met Johan de chef kok van de lodge, met Don,
die het restaurant van Ton nu exploiteert, met verschillende andere
medewerkers en met Moose natuurlijk. Moose laat ons zijn kamer zien
waar hij woont met zijn kip, eend en honden. Van Johan krijg ik
kookles, nadat Coen heeft laten weten wel erg gek te zijn op Johan's
ijskasttaart. We worden ook telkens verwend met lekkernijen. Johan
laat ons van alles proeven en van Don krijgen we uit Solitair's
moestuin groenten en uit de boomgaard het heerlijkste fruit.
Wat vliegt daar?
De toeristen tv laat je over het algemeen vakantiegangers zien in
gehuurde auto's en Zuid-Afrikaners in hun eigen auto. De auto's
zijn over het meestal wit (in Nederland zie je bijna nooit witte
auto's), en het zijn over het algemeen Toyota's, Nissans of Isuzu's.
De locals rijden in bakkies van dezelfde merken. Maar een keer kregen
we een verrassing, net voor zonsondergang kwam er een ultra light
vliegtuig aan gevlogen en parkeerde bij het benzinestation. De piloot
logeerde op Solitaire. De andere dag vertrok hij weer met zijn vliegtuig.
Zijn vriendin reed met de Land Rover achter hem aan, zo schijnen
ze door heel Afrika te reizen. Volgens Moose heeft deze man het
wereldrecord ultra light vliegen over de meeste continenten, op
zijn naam staan. Het zag er enorm stoer uit, Coen weet al hoe onze
volgende reis eruit gaat zien.
De eerste twee dagen hebben we in de workshop doorgebracht. Na ons
avontuur in het zand, zag Coen dat een van de ophangsteunen van
de luchtvering los aan het komen was van het chassis. Onze zorgen
kindjes! Coen besloot ook meteen maar de ander ophangsteun opnieuw
te monteren. Tijdens het werk hadden we veel bekijks en aanspraak.
Zodra de toeristen onze NL sticker en ons logo zagen klonken er
woorden van bewondering werden er de nodige foto's gemaakt.
's Avonds winter, overdag zomer
Coen en ik maken elke avond een vuur in de braai, waar Coen zijn
boereworst op braad en waar we proberen het warm te krijgen. Het
is s'avonds koud, maar het is dan ook winter in Namibië. We
hebben de tijd om het Quo Vadis programma (navigatie sofware) uit
te zoeken en andere dingen te doen waar we nog niet aan toe gekomen
zijn. En overdag lekker rondhangen op de camping, Coen in korte
broek en ik in zomerjurkjes, en praatjes maken met de medewerkers.
Geen dankjewel
Er is weinig op Solitaire, eens per twee weken komt de nieuwe voorraad
uit Windhoek aan, de generator zorgt (meestal) voor stroom, de schotel
voor een satelliet verbinding. Ze hebben computers, alhoewel die
net waren opgeblazen doordat de generator kapot was gegaan, en er
is geen tv (volgens hun ook overbodig want ze hebben toch de toeristen
tv). Er gebeuren regelmatig auto ongelukken, voornamelijk omdat
mensen te hard rijden op de grind pistes. Gister was een stel Italianen
(er zijn hier heel veel Italianen) van de weg geraakt. Johan werd
uit het restaurant geplukt en moest eerste hulp toepassen. Wij boden
aan te helpen met onze uitgebreide EHBO-kist. Een dokter uit Windhoek
verbleef dit weekend bij vrienden in de buurt (hoe ze dit dan weer
weten is ons een raadsel), hij werd gebeld en kwam (half dronken)
poolshoogte nemen. Hij moest beslissen of er een vliegtuigje moest
komen om de gewonden af te voeren. Als dat zo was moesten alle aanwezigen
hun auto langs de landingsbaan (een geëgaliseerd stuk woestijn
met wit geschilderde autobanden als afzetting) zetten zodat de piloot
kan zien waar hij moet landen. Maar zo ver kwam het niet.
Met het hechtapparaat (nietmachine) die we van Rob van de Boom hadden
gekregen werd het gat in de arm van een van de Italianen dicht geniet.
En met onze steristrips werd de oogwond, van het meisje dat er het
ergst aan toe, dichtgeplakt. De dokter uit Windhoek was ons erg
dankbaar, omdat hij zijn eigen dokterskoffer niet bij zich had.
De Italianen daarentegen waren ons niet dankbaar of lieten dat in
ieder geval niet merken. Eén meisje bedankte ons, de jongen
wiens arm was geniet zei bedankt, maar voor de rest waren ze nog
al lauwtjes. Zelfs de andere dag, toen ze al wat van de schrik waren
bekomen, kon er geen dankwoord vanaf. Ze zeiden ons niet eens gedag.
Volgens Johan, Don en Moose is dat typisch voor de Italianen. De
ergste toeristen zijn volgens hun de Italianen en de Spanjaarden,
en de Zuid-Afrikaners. Maar goed, wij weten nu hoe ons hechtapparaat
werkt.
Morgen vertrekken we weer uit Solitaire, ook al hebben we het naar
ons zin gehad, de reiskriebels zijn teruggekomen.
Niets uit bovenstaande tekst mag worden
gepubliceerd zonder voorafgaande toestemming van de auteurs.
Het zelfde geldt voor alle afbeeldingen en foto's.
Mirjam van Tiel & Coen Barthels ©
2003
|