Into Africa by Jeep –
Reisverslag 1
Geschreven door: Mirjam, 3 - 5 augustus 2003
Wat eraan vooraf ging:
Toen ik Coen ongeveer een half jaar kende en onze relatie serieus werd, wees
hij mij erop dat hij ooit in Afrika zou gaan werken of rondreizen. Dit was zijn
droom en als ik dit niet zou zien zitten kon ik het hem beter nu meteen laten
weten. Ook al had ik niet iets speciaals met Afrika, een nieuwe uitdaging zag
ik wel zitten, en... Coen wilde ik niet meer kwijt. In de zomer van 2002
vertrokken we naar Namibië om uit te zoeken of ook ik de Afrika koorts zou
krijgen.
We reisde een maand door dit prachtige uitgestrekte land. Het landschap was
betoverend mooi. Behalve de geëgaliseerde pistes was er nagenoeg niets dat op
een infrastructuur leek. Naast mooie indrukken waren er spannende momenten, ons
gehuurde Golfje kwam herhaaldelijk in het zand vast te zitten en we hadden
meerdere keren een lekke band. We moesten de auto uitgraven terwijl de zon al
onder was en er leeuwen waren gesignaleerd in het gebied van de campsite Intu
Africa. Een cobra stond naast onze auto klaar om zijn gif te spuwen, toen we op
weg waren naar Opuwo. Dit alles was zo ontzettend anders dan mijn leven in
Nederland. Hier ging het echt om leven, overleven, alle zintuigen werden aangesproken.
Dit alles sprak mij wel aan.
Solitaire is een plaatsje dat halverwege Namibië ligt, het staat op vele
kaarten vermeld en is zelfs in de bosatlas te vinden. Ook al bestaat het uit
twee huizen en een benzine pomp. Van Moose, een bewoner van Solitaire, kregen
wij het boek te zien dat door een Nederlandse filmregisseur en voormalige
bewoner van Solitaire was geschreven. Coen las de achterflap en raakte
ontroerd, hij wilde net als Ton van der Lee, alles achter zich laten en door
Afrika gaan reizen.
Vanaf het moment dat we thuiskwamen van onze vakantie is langzaam aan het idee
ontstaan om een jaar vrij te nemen en overland door Afrika te gaan reizen.
De voorbereiding:
Er komt heel wat bij kijken om een reis als deze voor te bereiden. We hebben een
half jaar lang elk weekend besteed aan de voorbereiding en Coen heeft de
laatste zes weken en ik de laatste maand aan een stuk door gewerkt om alles op
tijd af te krijgen.
Het eerste belangrijke moment was toch wel ons bezoek aan Judith en Paul (www.deexpeditie.nl). We
wisten nog zo goed als niets en zij hadden de hele reis van Maarn (bij Utrecht)
naar Kaapstad al gemaakt. Ik was hun op het spoor gekomen via hun website en na
een e-mail uitwisseling gingen we op 30 december 2002 bij hun op bezoek. Zij
vertelde ons met veel enthousiasme over hun ervaringen en antwoorden geduldig
op al onze vragen. Hierdoor werd het voor ons steeds reëler. Als zij het
konden, waarom wij dan niet. Wij denken nog steeds met veel plezier terug aan
die middag.
De aanschaf van een auto was de volgende stap. We hadden onze zinnen gezet op
een witte Jeep Cherokee. Bij mij in de Concertgebouw buurt stond er een, een
Wagoneer, in de Lomanstraat. In het weekend, als Coen bij mij was, liepen we er
geregeld langs en droomde ervan onze eigen Jeep te hebben.
Izzy
Half januari hadden we onze eigen Jeep, en we noemde haar Izzy. Ondertussen
spraken we steeds meer met andere overlanders, die ooit gereisd hadden of nog
steeds reisden door Afrika. En ook steeds vaker kregen we te horen dat een Jeep
Cherokee toch echt geen goed idee was, en dan ook nog op benzine, waar dachten
we mee bezig te zijn. Helemaal gek werden we ervan. Bijna ieder overlander
heeft een Landrover Defender of een Toyota Landcruiser. Maar wij hadden zo onze
eigen overwegingen en hebben na veel wikken en wegen toch voor een Jeep
gekozen. Zelfs in Zuid-Afrika bleef het ons achtervolgen, de meest boute
uitspraak was wel: A Jeep, Oh you wi'll never make it. Dit word volgens Coen
ooit nog de titel van een artikel dat we voor Daimler Chrysler of een 4x4
Magazine gaan schrijven.
Het was spannend voor Coen om geen vaste baan meer te zullen hebben. Zijn
projectcontract bij het Technocentrum Zuidelijk Gelderland liep half juni af,
dus dit was hét moment om er een jaar tussen uit te gaan. Zelf vond ik het niet
zo moeilijk om mijn baan op te zeggen. Ondanks dat ik mijn werk erg leuk vond
wilde ik graag bij de Badcuyp weg. Ik ben niet gemaakt om in een kantoor van
vier bij vier meter te zijn waar zeven mensen proberen te werken.
De camping spullen die ik cadeau gekregen heb bij mijn afscheid van mijn (ex-)
collega's zijn erg mooi en komen dagelijks van pas. En op dit moment type ik
dit eerste reisverslag in op de laptop die Coen als cadeau van zijn werk
meekreeg.
Logo
Onze ouders vonden het naast spannend ook erg leuk dat we onze droom gingen
verwezenlijken. Mijn ouders hebben ons met veel enthousiasme ondersteund en
mijn vader heeft met behulp van mijn moeder een prachtig logo voor ons
ontworpen. We genieten er elke dag van en zijn er erg trots op. Daarnaast
hebben we ook een prachtig kaartje met onze Jeep en het logo erop. Paul Wandel,
van Idem Dito (www.fotoshirt.nl)
in Arnhem, heeft het logo op de beide voordeuren van de Jeep gezet en heeft
twee T-shirts met het logo erop voor ons gemaakt.
Doordat we besloten hadden op reis te gaan hebben we elkaars ouders goed leren
kennen. We werden ons ook veel bewuster van de vergankelijkheid van het leven
en spraken makkelijker onze liefde uit voor onze familie en vrienden. Mijn zus
heeft mij geholpen door middel van Reiki mijn angstjes te overwinnen, zoal voor
de malaria profylaxe Lariam. Het was fijn om op deze manier met haar samen te
zijn.
Vliegende Jeep
Op het autocrossterrein in Oss hebben we een 4x4 cursus voor beginners gedaan
(van 4x4 auto Magazine). Ik was de enige vrouw die reed, Coen was mijn
bijrijder. We kregen les van Harry. Het was een vermoeiende maar helemaal te
gekke dag. Onze Jeep nam iedere hindernis met gemak. We hebben ontzettend veel
vertrouwen in de auto gekregen en in elkaar. Met beleid volgde ik de
instructies van Harry op en kwam zo overal zonder kleerscheuren doorheen. Zelfs
het steile pad door het bos, waar andere auto's door de gladde modder zijwaarts
tegen bomen schoven, kwam Iz heelhuids doorheen. Coen had ik er in opdracht van
Harry 'met een bijltje uitgetikt', zodat hij mij aanwijzingen kon geven over
hoe ik het beste beneden kon komen. Beneden aan het pad kwamen we per ongeluk
op een stuk voor gevorderden. Het had net flink geregend en voor ons lag een
pad met een spoor van ongeveer 50 centimeter diep modder. Aan het eind van het
spoor ging het pad recht omhoog tegen een steile helling op, waar ook nog eens
een enorme pothole in zat. Ik liet Harry weten dat ik dit echt niet zag zitten,
we hadden de auto nog maar net en moesten er nog heel Afrika mee door. Maar
volgens Harry had onze Jeep geen enkel probleem met het eerste deel door de
modder. Daar kon ik gewoon langzaam doorheen ploegen en als ik de auto dan op
de helling zette lierde hij me wel omhoog.
De meeste auto's haalde het niet op eigen kracht, alleen een Toyota Landcruiser
en een Land Rover Defender haalde het. Ik was bang dat onze auto zou beschadigen
en Coen stelde voor dat hij dit laatste stuk zou rijden. Hij was als een van de
laatste aan de beurt. Bijna iedereen stond op de helling te kijken naar de
auto's die aan kwamen rijden. Ik stond klaar met het fototoestel om deze actie
vast te leggen. Verbaast liet ik het fototoestel zakken toen ik Coen steeds
meer gas zag geven. Hij scheurde door de modder en vlak voor de bocht waar het
pad haast recht omhoog de helling op liep trapte Coen op Izzy's staart. De Jeep
vloog de hoek om met de wielen van de grond en kwam met een plof neer boven aan
de helling. Iedereen joelde en applaudisseerde, Coen stapte uit de auto en zag
lijkbleek.
Hulp en adviezen
Nog zo wat dingen die we gedaan hebben en mensen die we ontmoet hebben: In het
havenziekenhuis in Rotterdam hebben we een cursus EHBO in de tropen gevolgd;
Het Carnet de Passage (paspoort voor de auto) hebben we via Petra Rolvink van
de ANWB geregeld; Onze reisverzekering hebben we bij Hetty Rolvink, van Rolvink
Assuranti‘n geregeld (zus van Petra); Van Arnold (overland Amsterdam-Kaapstad
gereden met Jacob in een Land Rover Defender) hebben we Quo Vadis 2.0 programma
gekocht (navigatie software); van Camiel en Daisy (Amsterdam-Kaapstad gereden
in Toyota Landcruiser) hebben we de satelliet telefoon gekocht; Van Niek van
Lankeren uit Brabant (terrein rijd fanaat, eigenaar van een Jeep Cherokee en
een camper bedrijf) hebben we een bull bar gekocht, en andere Jeep Cherokee
onderdelen; Van Hans van Basteren uit Limburg hebben we alle elektronica
gekocht als reserve onderdelen voor onze Jeep; Bij Loek Vermeulen van Holland
Africa Tour zijn we langs geweest. Hij heeft zijn jaren lange Afrika ervaring
(o.a. Parijs-Dakar en met drie Dafjes door heel Afrika gereisd) met ons gedeeld
en liet ons niet gaan voordat we ieder een schop en een stuk bergbeklimmers
touw van hem aannamen (zonder schop ben je nergens in de woestijn).
Nog meer mensen die ons geholpen hebben: Rob van de Boom (huisarts en vriend)
heeft er voor gezorgd dat we een zeer uitgebreide EHBO-kist bij ons hebben.
Ineke Huibrechtse heeft voor ons software geïnstalleerd, Cd-labels gemaakt en
het contract voor het verhuren van mijn woning uitgewerkt. Jacqueline Bos,
heeft voor ons uit Amerika een Safari Snorkel meegenomen. En dat was niet zo
makkelijk als het vooraf leek; Edo Barthels heeft de laatste dag (en hele
avond) voordat de auto verscheept zou worden meegeholpen om alles in orde te
krijgen. Dankzij zijn inzet waren we de andere dag op tijd in de haven;
Geert-Jan Straten heeft ons enorm geholpen bij het verhuizen van de spullen van
Coen uit Velswijk, zonder hem hadden we het nooit in de vrachtwagen gekregen.
Berthold van Benthem was ook onmisbaar bij het leeghalen van Coen's huis. En
dan was er de ploeg in Amsterdam, waar de spullen naar de zolder moesten worden
gebracht. Vier hoog en het was net de eerste bloedhete dag. Kees-Jan Donkers,
Erik van de Boom, Anouk Mulder, Ineke Huibrechtse en Geert-Jan hebben zich in
het zweet gewerkt. Het eindstation was Riethoven waar de antieke spullen van
Coen worden opgeslagen. Daar stond Marco Smit klaar om de laatste spullen uit
de vrachtwagen te halen. Wij zijn onze vrienden zeer dankbaar voor alle hulp en
inzet.
En dan natuurlijk onze zaakwaarnemers die alles voor ons regelen zolang we in
het buitenland zijn. Wij stellen het heel erg op prijs dat zij dit voor ons
willen doen. Mijn ouders zijn mijn zaakwaarnemers en Anne-Marie Mulder en
Kees-Jan Donkers de inval zaakwaarnemers, Marco Smit is Coen zijn
zaakwaarnemer.
Klaarmaken en inschepen
Het prepareren van de Jeep gebeurde voor een deel bij Dimtech. Jos Reuling
heeft gewerkt aan de aandrijflijn en heeft de wielophanging gereviseerd c.q.
versterkt. Daarnaast heeft Coen twee weken in Riethoven bij zijn ouders aan de
auto gewerkt. Ik ben daar anderhalve week geweest en heb o.a. een houten vloer
in de auto gemaakt. Coen's moeder zorgde goed voor ons. Het was fijn dat voor
ons vertrek Ineke en ik elkaar beter leerde kennen en dat Coen twee weken bij
haar kon zijn. Bij B&S in Tiel zijn de banden (Goodyear Wrangler MT/R) erop
gezet en is de Jeep gekeurd.
Op 17 juni moesten we de Jeep in Rotterdam aanleveren, hij werd verscheept op
de Golden Isle, via de scheepvaartmaatschappij Kersten-Hunik. We hebben ons rot
gehaast maar uiteindelijk vertrok het schip een week later. Maar goed, we
hadden nog genoeg te doen voordat we zelf op het vliegtuig naar Kaapstad zouden
vertrekken.
Afscheid
Eigenlijk wilde we een groot afscheid feest geven, maar we zagen het niet
zitten om ook dat nog te moeten organiseren. En we vermoedde dat we er toch
niet genoeg van zouden kunnen genieten met al die drukte voor ons vertrek.
Uiteindelijk hebben we een week voor ons vertrek met intieme vrienden en
familie gegeten bij Café Restaurant Amsterdam. Dat was erg gezellig. Erik heeft
als afscheidscadeau foto's van het etentje gemaakt (helaas hebben we die nog
niet gezien, maar des te leuker als we terug zijn).
Zeven juli was het dan zo ver. Mijn ouders kwamen ons ophalen en brachten ons
naar Schiphol. De moeder van Coen (Ineke) en Edo (broer van Coen) en vriendin
Kim waren er om ons uit te zwaaien. Er werd flink geknuffeld en gekust.
Op reis, ...dachten we:
Op 8 juli 2003 kwamen we in Kaapstad aan. Onze huurauto stond voor ons klaar,
we voelden ons nog helemaal niet op ons gemak in Kaapstad, maar dat zou
veranderen. Uiteindelijk werden we een van hen, we hebben een snelle
inburgeringcursus gehad.
We logeerde in Belmont Guesthouse in Oranjezicht, de concertgebouwbuurt van
Cape Town. Er zat een trendy Deli op de hoek van de straat, waar de mensen met
geld lunchte. In de buurt reden voornamelijk Four Wheel Drives rond, en net
zoals in de Concertgebouw buurt veel Jeepies (een Jeep Cherokee oud model wel
te verstaan). Daardoor voelden ons helemaal thuis. De wijk is prachtig gelegen
aan de voet van de Tafelberg, vanuit het guesthouse kon je de cabel car zien
aankomen op de top. Prachtige wolkpartijen konden op of om de Tafelberg heen
hangen. Eén soort was spectaculair, het leek alsof een pan overkookte, de
wolken kolkte over de rand van de berg richting de stad. Alleen werd dit alles
vergezeld door een vreselijke uitlaatgassen stank afkomstig van de auto's die
hier voornamelijk zonder katalysator rondrijden.
We reden rond in Kaapstad met de deuren van onze huurauto op slot en de
raampjes gesloten, zoals ons verteld was te doen. Na een week werden we wel wat
makkelijker maar iedere blanke Zuid-Afrikaan bleef ons wijzen op het gevaar van
car jacks en berovingen. Er is zijn ook erg veel armen mensen, over het
algemeen zwarten. De enige cultuurshock was de armen mensen die op straat
tussen de auto's doorlopen en langs de snelweg hun kamp hebben opgeslagen. En
de krotten in de townships, waar ook weer een onderscheid schijnt te zijn
tussen diegene die arm zijn en diegene die nog armer zijn.
We waren doodmoe van alle voorbereidingen in Nederland, maar het regelwerk was
nog niet afgelopen. We moesten zorgen dat de auto ingeklaard zou worden en dan
konden we op reis. Het inklaren was een ding maar het bleek al snel dat de paar
andere dingetjes heel wat meer voeten in de aarden hadden dan we van tevoren
konden overzien. Dus echt uitrusten zat er nog niet in.
De beruchtste douaniers van Kaapstad
Nausheena van King and Sons, de agent van Kersten-Hunik in Cape Town, belde ons
zodra we waren aangekomen. Premier Freight zou de auto inklaren. We zijn bij ze
langsgegaan om kennis te maken. Heel anders dan ons voorspeld was hoefden we
hier zelf helemaal niet achteraan te zitten. Shafiek (van Premier Freight) en
Nausheena (van King and Sons) belde ons op vijftien juli dat het schip met Izzy
in de haven was aangekomen.
Op zestien juli om half twee hadden we afgesproken in het gebouw van Premier
Freight, Jason was onze agent die de auto moest inklaren. Hij reed samen met de
douane beambte voor ons uit naar de haven. De douane beambte zag er niet echt
gezellig uit. Klein, ringbaartje en strenge gelaatsuitdrukking. Vooraf hadden
Coen en ik geoefend wat we zouden zeggen als ze de spullen zouden vinden
waarvan we niet zeker waren of we die wel mochten invoeren (o.a. tas vol steriele
injectienaalden en vijf pepersprays). Maar ondanks de eerste indruk die we van
hem hadden verliep het proces gladjes, binnen nog geen vijftien minuten vond
hij het wel goed. De andere dag zou hij nog even zijn ware gezicht laten zien
toen bleek dat hij het Carnet niet goed had ingevuld. Samen met een collega
maakte hij op arrogante wijze duidelijk dat ze echt het Carnet niet zouden gaan
aanpassen. Als Coen niet op hield met aandringen zou hij in 'the monkey house'
eindigen. Onze agent Shafiek vertelde ons dat deze twee heren de ergste
(beruchtste) douane beambten van Kaapstad zijn.
Nu was onze Jeep in Zuid-Afrika, Coen reed voorop naar ons guesthouse en ik
erachteraan in het Golfje. We mochten hem van Pet (eigenaar guesthouse) bij
haar huis op het erf zetten, veilig achter een hek. Hij stond daar prachtig,
net als in Dallas.
s' Avonds maakte we een avond wandelingetje om Iz te bewonderen, verlicht
achter het hek met een indrukwekkend huis dat achter haar oprees, uitkijkend
over de lager gelegen stad.
Tent op het dak
Op zeventien juli hadden we de afspraak bij Hannibal Safari Equipment om het
roof rack, de roof top tent en de Jerry canholders te laten installeren. Na het
weekend konden we de Jeep weer ophalen, alleen bleek alles er toen nog niet op
te zitten. Ze begonnen aan de opbouw zodra het roof rack van de spuiter kwam.
We zijn de hele dag aanwezig geweest bij het proces van de safari opbouw van de
Jeep. We liepen rond in de fabriek (een grote loods) en maakte foto's van de
mensen die er aan het werk waren, en van elk stapje van de opbouw. Het was erg
leuk om hierbij aanwezig te zijn en te zien hoe alles hier in Zuid-Afrika in
zijn werk gaat. Het resultaat was een enorme stoere bak, waar we trots op zijn.
De droom wordt steeds meer werkelijkheid.
Ook was het leuk om Heinrich en Tristan (twee van de eigenaren) te ontmoeten,
en voor korte tijd met ze op te trekken. Ze hebben het goed voor elkaar daar,
er wordt vakwerk en maatwerk afgeleverd (zie foto's).
Na drie dagen nog niet goed
Bij Radio Autosonic in Kaapstad hebben we een auto alarm laten inbouwen. We
hebben hiervoor veel moeten wachten en tot drie keer toe moesten we terug omdat
het niet goed was gedaan. Toen we de laatste keer wegreden zagen we dat de
bedrading alweer los hing onder het dashboard. Coen heeft het toen zelf maar
afgewerkt.
Met de waterinstallatie zijn we een week bezig geweest. Zoeken in de gouden
gids op Internet, bij bedrijfjes langs die toch niet precies hadden wat wij
zochten, totdat we bij Armazone, liqued technoligies uitkwamen. Die hadden dan
wel de juiste filters (Doulton Keramiek in combinatie met actieve koolstof en
KDF) maar weer niet het goede gereedschap om het in te bouwen en toen alles er
in zat bleek de pomp die we in Nederland hadden gekocht niet genoeg kracht te
hebben om het water door de filters te pompen. Paddy (van Armazone), is met ons
meegereden naar 4x4 Mega World om een identiek pompje te kopen maar dan van 2.1
bar. Coen heeft het in de auto ingebouwd, het hele ontwerp van de water
installatie is trouwens van hem.
Te zwaar
Bij 4x4 Mega World vonden ze, net als Coen al vermoede, de auto te zwaar, en
deze moest volgens hun verhoogt worden. Ondertussen hadden wij het helemaal
gehad. We waren uitgeput, nog steeds niet uitgerust van alle voorbereidingen in
Nederland. We hadden ondertussen alle industrieterreinen van Kaapstad leren
kennen in plaats van een gewone toerist alle bezienswaardigheden.
Indrukwekkend
Tussendoor hebben we een paar uitstapjes gemaakt en we lunchte elke dag
heerlijk bij Carluchi (de deli op de hoek). We zijn met de cable car naar de
top van de Tafelberg geweest en we zijn naar Robben Island geweest. Robben
island was erg indrukwekkend. We hadden tijdens de bus tour een gids die zo
mooi vertelde dat Coen en ik er tranen van in onze ogen kregen. Tijdens de tour
door de gevangenis zelf werden we rondgeleid door een ex-gevangene. Het is
haast niet te geloven wat voor ontberingen de gevangenen hebben moeten
doorstaan. Het is bewonderingswaardig hoe ze overleefde. De gevangen die gestudeerd
hadden droegen hun kennis over aan de andere gevangenen. De gevangenen die als
analfabeet naar Robben Island kwamen, konden toen ze vrij kwamen minimaal lezen
en schrijven. Het onderwijs gebeurde in het geheim terwijl ze aan het werk
waren. Ook hadden ze bepaald soort begroetingen bedacht om elkaar moed te geven
(ze mochten niet met elkaar spreken).
"Gek werd ik ervan!"
We gingen met de auto met de hele uitrusting erin naar 4x4 Mega World, Jochie
van Gremeltech kwam met de Air Springs. Jason, de hoofd technicus ging ze
installeren. Het kwam er op neer dat ik daar tien en een half uur heb zitten
wachten. Tussendoor ben ik met Johan (van 4x4 Mega World) op en neer gereden
naar Hannibal voor een nieuw trapje (dat was niet helemaal naar Coen's zin).
Coen heeft zich de hele dag in het zweet gewerkt omdat hij er niet op kon
vertrouwen dat ze goed werk zouden afleveren.
Ik ben er wel achter gekomen dat Coen érg veel van auto's weet, hij was in alle
gevallen, bij elke expert degene die het meeste wist en met de beste
oplossingen kwam. Maar goed met zo'n perfectionist als Coen kost elk klusje wel
een paar uur meer.
Toen om zeven uur s' avonds de Air Springs eronder zaten bleek de voorkant van
de auto te laag, dus ook daar moest nog iets aan gebeuren. Maar dat was zo
gepiept, alleen niet nu, iedereen wilde naar huis. Helemaal gek werd ik ervan,
als of er geen einde aan zou komen. Ik had het vertrek uit Kaapstad al
opgegeven. Elke keer hoopte we weer dat het nu dan echt klaar zou zijn maar
telkens was er toch weer iets te doen.
Op reis 1:
We besloten om na ons bezoek aan 4x4 Mega World te beginnen aan onze reis.
Uitgezwaaid door Rob, Andrea en Jan (drie zeer gezellige, grappige Engelse
toeristen) vertrokken we vol goede moed, ook al was die nog fragiel. Het plaatsen
van de ring aan de voorkant van de auto was niet zo makkelijk als ze dachten en
de moed zakte ons alweer in de schoenen. Maar s' middags konden we dan toch
echt op reis.
Het was de eerste twee weken erg mooi weer geweest maar het weer was omgeslagen
en op 26 juli, een regenachtige grauwe dag, verlieten we Kaapstad. We waren te
moe om ver te rijden dus kampeerde we in Fish Hoek. Er stond een behoorlijke
wind en we hadden het koud, echt leuk vonden we het nog niet. De andere dag
besloten we om naar Stellenbosch (wijngebied) te gaan, daar hadden Judith en
Paul ook op de camping gestaan en volgens hun was het daar mooi.
Terug naar Kaapstad
Coen vertrouwde de Air Springs toch niet helemaal, het rubber kwam tegen de
ophangsteun, en ook al hadden ze gezegd dat het zo hoorde, volgens Coen klopte
het niet. En het klopte dus ook niet, het rubber kwam er af doordat het tegen
de steun schuurde. Jochie van Gremeltech bood ons aan om nieuwe te laten
installeren door een ander bedrijf. Een bedrijf van een Nederlander. We moesten
dan wel terug naar Kaapstad komen.Eerst nog even uit eten en morgen dan maar
weer terug naar Kaapstad. Oh wat hadden wij het gehad.
De andere dag bij Frans Akkerman van Diesel Tech, zijn de nieuwe, kleinere, Air
Springs, geïnstalleerd. Coen weer de hele dag helpen en ik weer de hele dag
wachten. Frans was al dertig jaar weg uit Den Haag, maar was zijn Haagse humor
niet verloren. En hij was volgens Coen de eerste die fatsoenlijk werk
afleverde.
Ik heb Pat (Belmont Guesthouse) gebeld en gevraagd of we weer bij haar terecht
konden. Aan het eind van de dag reden we weer het ons vertrouwde Oranjezicht
binnen. We werden ontvangen door de verbaasde Rob, Andrea en Jan. Zij hadden
hun laatste avondje samen en wij werden uitgenodigd om wijn met ze te drinken.
We konden weer in de zelfde kamer, en sliepen weer in de zelfde bedden.
Op reis 2:
En dan nu écht op reis. Dinsdag 29 juli 2003, een strak blauwe lucht, de zon
scheen, het was heerlijk weer en wij gingen op reis. Uitgezwaaid door Rob,
Andrea en Jan, gekust door Pat, gingen we op pad. We moesten hun wel beloven
niet meer terug te komen. Dit was veel beter dan de eerste keer, Kaapstad zag
er mooi uit in de zon.
Op weg naar het warme, heerlijke en prachtige Namibië, van Zuid-Afrika hadden
we even genoeg.
Niets uit bovenstaande tekst mag worden
gepubliceerd zonder voorafgaande toestemming van de auteurs.
Het zelfde geldt voor alle afbeeldingen en foto's.